Art. 50 EU AI Act, Transparantieverplichting: informeer gebruikers over AI-interactie
Art. 50 van de EU AI Act kent vier transparantieplichten: aanbieders moeten zorgen dat mensen weten dat ze met een AI-systeem interacteren en moeten AI-gegenereerde content machineleesbaar markeren; gebruiksverantwoordelijken moeten mensen informeren die aan emotieherkenning of biometrische categorisering worden blootgesteld en moeten deepfakes en AI-gegenereerde tekst over zaken van algemeen belang kenbaar maken. De verplichtingen gelden vanaf 2 augustus 2026, met boetes tot EUR 15 miljoen of 3% van de wereldwijde jaaromzet, waarbij het hoogste bedrag geldt. Eén overgang bestaat: generatieve AI-systemen die vóór 2 augustus 2026 al op de markt zijn, hebben tot 2 december 2026 voor de machineleesbare markeringsplicht.
Onder alle EU AI ActEU AI ActVerordening (EU) 2024/1689, in het Nederlands de AI-verordening, de Europese wet over artificiële intelligentie. Ze hanteert een risicogebaseerde aanpak: verboden praktijken, eisen voor hoogrisico-AI-systemen, transparantieverplichtingen voor specifieke toepassingen en een apart regime voor AI-modellen voor algemene doeleinden (general-purpose AI). Verplichtingen zijn verdeeld tussen aanbieders en gebruiksverantwoordelijken. Zie hoogrisico-AI-systeem, general-purpose AI, conformiteitsbeoordeling.Open full entry →-verplichtingen is Art. 50 de eerstvolgende die voor de meeste organisaties in werking treedt: 2 augustus 2026. Organisaties die chatbots, generatieve AIgeneratieve AIAI-systemen die nieuwe inhoud voortbrengen, tekst, beeld, audio, code, in plaats van alleen te classificeren of voorspellen. Grote taalmodellen zijn het bekendste voorbeeld. Zie hallucinatie, deepfake.Open full entry →-tools, emotieherkenningemotieherkenningEen AI-systeem dat de emoties van een persoon afleidt uit biometrische gegevens; het gebruik ervan op de werkvloer en in het onderwijs is onder de AI Act beperkt. Zie biometrische categorisering, verboden praktijken.Open full entry → of synthetische content aanbieden of inzetten, staan voor een concrete deadline, geen theoretische verplichting.
Wat is Art. 50 en voor wie geldt het?
Art. 50 bevat de transparantieverplichtingen voor AI-systemen die direct interacteren met mensen of content genereren die als echt kan worden verward. De wet onderscheidt drie groepen verplichtigen:
- AanbiedersaanbiederDe actor die een AI-systeem ontwikkelt (of laat ontwikkelen) en het onder eigen naam op de markt brengt of in gebruik neemt, met fabrikantachtige plichten: ontwerpcontrols, documentatie, conformiteit. Zie gebruiksverantwoordelijke, AI-verplichtingen.Open full entry → (providers): organisaties die AI-systemen op de markt brengen, zij moeten systemen technisch in staat stellen tot de vereiste informatieplicht
- Deployers: organisaties die AI-systemen inzetten in hun processen, zij zijn verantwoordelijk voor de daadwerkelijke informatieverstrekking aan gebruikers
- Niet gedekt: partijen die alleen AI-gegenereerde content van derden hosten, doorgeven of verspreiden, waaronder online platforms. De Commissie-guidelines bevestigen dat zij geen gebruiksverantwoordelijkegebruiksverantwoordelijkeEen organisatie die een AI-systeem onder eigen gezag in haar activiteiten gebruikt, met exploitantplichten: gebruik volgens de instructies, toezicht, relevantie van de invoer, monitoring, kennisgevingen. Zie aanbieder, AI-verplichtingen.Open full entry → zijn wanneer ze geen zeggenschap over het AI-systeemAI-systeemEen machinaal systeem dat voor expliciete of impliciete doelen uit invoer afleidt hoe het uitvoer genereert, voorspellingen, inhoud, aanbevelingen of beslissingen, die fysieke of virtuele omgevingen kunnen beïnvloeden. De OESO-achtige definitie die de EU AI Act volgt. Zie algoritme, machine learning.Open full entry → hebben, al worden ze aangemoedigd aanwezige markering te behouden.
Voor de meeste Nederlandse organisaties is de deployer-rol het meest relevant.
Welke systemen vallen onder Art. 50?
Art. 50 richt zich op vier categorieën AI-toepassingen:
1. Chatbots en conversationele AI (Art. 50, lid 1, aanbieder-plicht)
Elk AI-systeem dat is bedoeld om direct met mensen te interacteren moet zo zijn ontworpen dat de persoon weet dat hij met AI te maken heeft, tenzij dat kennelijk is voor een redelijk geïnformeerde en oplettende persoon in de context. Dit geldt voor klantenservicebots, HR-assistenten, digitale coaches, juridische informatiesystemen en vergelijkbare toepassingen.
2. Markering van AI-gegenereerde content (Art. 50, lid 2, aanbieder-plicht)
Aanbieders van AI-systemen die synthetische audio, beeld, video of tekst genereren, inclusief general-purpose AIgeneral-purpose AIEen model dat op brede data is getraind en kan worden aangepast aan veel afgeleide taken; de AI Act stelt er specifieke verplichtingen voor, met extra plichten wanneer het systeemrisico oplevert. Zie general-purpose AI-model, systeemrisico.Open full entry →-systemen, moeten de output machineleesbaar markeren en detecteerbaar maken als kunstmatig gegenereerd of gemanipuleerd. Technieken zijn onder meer watermerken, metadata en cryptografische methoden; de oplossing moet effectief, interoperabel, robuust en betrouwbaar zijn voor zover technisch haalbaar, en aanbieders mogen leunen op markering die stroomopwaarts op modelniveau is aangebracht. De plicht geldt niet waar het systeem alleen een ondersteunende functie voor standaardbewerking vervult of de input niet wezenlijk wijzigt. Organisaties die een model van een derde in hun eigen gebruikersgerichte tool integreren, zijn aanbieder van dat systeem en dragen deze plicht zelf.
3. Emotieherkenning en biometrische categoriseringbiometrische categoriseringMensen in categorieën indelen zoals etniciteit of politieke opvattingen op basis van hun biometrische gegevens; onder de AI Act beperkt of verboden. Zie verboden praktijken, emotieherkenning.Open full entry → (Art. 50, lid 3, plicht van de gebruiksverantwoordelijke)
Gebruiksverantwoordelijken moeten de personen die aan een emotieherkennings- of biometrische-categoriseringssysteem worden blootgesteld over de werking informeren, en de betrokken persoonsgegevens verwerken conform de AVGAVGVerordening (EU) 2016/679, de Algemene verordening gegevensbescherming (in het Engels: GDPR). De AVG geldt voor AI zodra persoonsgegevens de training, invoer, uitvoer of logs binnenkomen, en werkt naast de EU AI Act in plaats van erdoor te worden vervangen. Zie verwerkingsverantwoordelijke, verwerker, DPIA.Open full entry →. De uitzondering dekt systemen die bij wet zijn toegestaan om strafbare feiten op te sporen, te voorkomen of te onderzoeken. Check eerst Art. 5: verschillende toepassingen van emotieherkenning en biometrische categorisering zijn ronduit verboden voordat Art. 50, lid 3 ooit relevant wordt.
4. DeepfakesdeepfakeDoor AI gegenereerde of gemanipuleerde audio, beeld of video die echte personen of gebeurtenissen overtuigend weergeeft die niet hebben plaatsgevonden; onderworpen aan etiketteringsplichten onder de transparantielaag van de EU AI Act. Zie generatieve AI, transparantie.Open full entry → en AI-gegenereerde tekst (Art. 50, lid 4, plicht van de gebruiksverantwoordelijke)
Gebruiksverantwoordelijken van een systeem dat beeld, audio of video genereert of manipuleert dat een deepfake vormt, moeten de kunstmatige herkomstherkomstDe gedocumenteerde oorsprong en geschiedenis van data of inhoud, gebruikt om vast te stellen waar ze vandaan komt en of ze betrouwbaar of rechtmatig te gebruiken is. Zie trainingsdata, datasheet.Open full entry → kenbaar maken. Voor kennelijk artistiek, creatief, satirisch of fictief werk is de plicht beperkt: kenbaar maken op een wijze die het werk niet bederft. Gebruiksverantwoordelijken moeten ook AI-gegenereerde of gemanipuleerde tekst kenbaar maken die wordt gepubliceerd om het publiek te informeren over zaken van algemeen belang.
Wat moet u communiceren, en hoe?
De informatieverplichting heeft twee dimensies: wat u communiceert en wanneer u het communiceert.
Wat: Gebruikers moeten weten dat zij met een AI-systeem interacteren. U hoeft de werking van het systeem niet te openbaren, maar u mag de AI-aard niet verbergen of actief ontkennen.
Wanneer: De informatie moet de gebruiker bereiken op het moment van de interactie of daarvoor. Achteraf informeren is niet voldoende. Een voetnoot in de privacyverklaring is niet voldoende. De communicatie moet actief, begrijpelijk en op het juiste moment plaatsvinden. De Commissie-guidelines voegen toe dat disclosures die in handleidingen verstopt zitten of maar één keer verschijnen onvoldoende kunnen zijn; bij systemen waarmee mensen langere tijd werken kan herhaalde disclosure nodig zijn.
Hoe: De wet schrijft geen specifiek format voor. Gangbare manieren zijn een zichtbare badge ("U spreekt met een AI-assistent"), een openingsbericht bij het starten van de chat, of een duidelijke visuele aanduiding bij AI-gegenereerde content. De gemiddelde gebruiker moet het begrijpen zonder juridische opleiding.
Uitzondering: interne bedrijfsprocessen
Art. 50.1 heeft een belangrijke uitzondering: de informatieplicht geldt niet wanneer het voor de natuurlijke persoonnatuurlijke persoonEen levend menselijk individu, in onderscheid van een rechtspersoon zoals een onderneming; de drager van rechten onder de gegevensbescherming en de AI Act. Zie betrokkenen, profilering.Open full entry → evident is dat hij met een AI-systeem interacteert. Dit is relevant voor interne toepassingen waarbij medewerkers expliciet werken met een AI-tool en de AI-aard kennen.
Maar let op: de Commissie-guidelines leggen "kennelijk" eng uit, met de gemiddelde gebruiker van het beoogde publiek als maatstaf en aandacht voor kwetsbare groepen binnen dat publiek. Een code-assistent die alleen voor professionele ontwikkelaars beschikbaar is kan de drempel halen; een publieksgerichte chatbot zelden. Bij twijfel geldt de informatieplicht. Documenteer expliciet waarom een toepassing volgens u onder de uitzondering valt.
Relatie tot Art. 26(11), deployer-transparantie naar betrokkenen
Art. 50 is niet de enige transparantieverplichting. Art. 26(11) verplicht deployers die hoog-risicorisicoIn de termen van de EU AI Act de combinatie van de waarschijnlijkheid dat een schade optreedt en de ernst ervan als dat gebeurt. De schakel tussen een principe (via de schade die het zou schenden) en een control (de maatregel die het vermindert). Het benoemen van de schade en het inschatten van het risico is op grond van Art. 9 vereist voordat een maatregel wordt gekozen. Zie schade, control, restrisico.Open full entry → AI inzetten om betrokken personen te informeren over de inzet van dat systeem. Dit gaat verder dan Art. 50: het betreft ook systemen waarbij geen directe interactie plaatsvindt maar waarbij een persoon wél direct wordt beoordeeld (zoals CV-screening of kredietscoring).
Voor hoog-risico AI moet u beide verplichtingen tegelijk naleven: Art. 50 (interactie-transparantietransparantieOpenheid over het feit dát AI wordt gebruikt en hoe het in het algemeen werkt: openbaarmakingen, documentatie, kennisgevingen. Vormt een paar met uitlegbaarheid, die over individuele uitkomsten gaat. Zie uitlegbaarheid, principe.Open full entry →) én Art. 26(11) (beoordelingstransparantie). Ze vullen elkaar aan.
Deadline en handhaving
Art. 50 wordt van kracht op 2 augustus 2026, voor alle systemen binnen de reikwijdte, ongeacht wanneer ze voor het eerst op de markt zijn gebracht. Eén overgang geldt: onder de Digital OmnibusDigital OmnibusEen wijzigingspakket van de EU dat delen van de EU AI Act aanpast, waaronder de toepassingsdata voor hoog-risicoverplichtingen. Per juli 2026 is het aangenomen door het Europees Parlement en de Raad en wacht het op publicatie in het Publicatieblad; verifieer de actuele status en data tegen de officiële tekst. Zie EU AI Act.Open full entry →, aangenomen en per juli 2026 wachtend op publicatie in het Publicatieblad, hebben aanbieders van generatieve AI-systemen die vóór 2 augustus 2026 al op de markt zijn tot 2 december 2026 voor de machineleesbare markeringsplicht van Art. 50, lid 2. Systemen die vanaf 2 augustus 2026 op de markt komen moeten vanaf dag één voldoen, en content die vóór die datum al is gepubliceerd hoeft niet met terugwerkende kracht te worden gemarkeerd. De maximale boete voor een overtreding van Art. 50 is EUR 15 miljoen of 3% van de wereldwijde jaaromzet, waarbij het hoogste bedrag geldt; verifieer de overgangsdata tegen de officiële tekst zodra de Omnibus is gepubliceerd.
Naast directe handhaving bestaat het risico van klachten van consumenten en betrokkenenbetrokkenenDe individuen of groepen die onderworpen zijn aan of geraakt worden door de uitkomsten of beslissingen van een AI-systeem, en wier rechten het governance-regime beoogt te beschermen. Zie schade, belanghebbendenanalyse.Open full entry → via nationale toezichthouders. In Nederland is de Autoriteit Persoonsgegevens aangewezen als relevante toezichthouder voor AI-gerelateerde consumentenrechten in samenhang met de AVG.
De Commissie-guidelines en de Code of Practice
Twee instrumenten maken Art. 50 concreet. De Commissie-guidelines dekken het hele artikel en leggen de reikwijdte uit: de consultatie op het concept sloot op 3 juni 2026 en de definitieve versie wordt vóór de augustusdeadline verwacht. De Code of Practice on Transparency of AI-Generated Content dekt alleen Art. 50, lid 2 en lid 4: hij is in juni 2026 definitief geworden, is vrijwillig, en laat ondertekenaars na een adequaatheidsbeoordeling naleving aantonen via naleving van de code, onder meer met uniforme EU-iconen en tekstlabels voor deepfakes. Aanbieders en gebruiksverantwoordelijken kunnen de twee onderdelen apart ondertekenen; de eerste lijst ondertekenaars sluit op 22 juli 2026.
De guidelines beslechten meerdere vragen die er in de praktijk toe deden. Open-source AI-systemen vallen volledig onder Art. 50. De uitzondering voor persoonlijk gebruik stopt waar content het publieke debat raakt. Partijen die alleen AI-content van derden verspreiden zijn geen gebruiksverantwoordelijke. Er bestaat een smalle uitzondering voor strikt technische output binnen een besloten professionele groep, en voor synthetische content die als onderdeel van gameplay wordt gegenereerd waar de fictieve context kennelijk is. En voor agentic AIagentic AISystemen waarin een model handelingen verricht, tools aanroept, plannen in meerdere stappen uitvoert, wat zowel de capaciteit als elke faalvorm versterkt; bestuurd met action-allowlists, goedkeuringen en volledige logging. Zie AI-agent, agentic governance.Open full entry → kiezen de guidelines een brede lijn: waar een aanbieder niet betrouwbaar kan beoordelen of een AI-agentAI-agentEen systeem dat zijn omgeving waarneemt, beslist en handelingen verricht richting een doel, tools aanroept, plannen uitvoert. Autonomie van handelen vereist allowlists, goedkeuringspoorten, sandboxing, logging en een kill switch. Zie agentic AI, kill switch.Open full entry → met een persoon zal interacteren, hoort de agent zijn kunstmatige aard kenbaar te maken overal waar die interactie redelijkerwijs voorzienbaar is. Wat dat betekent voor het besturen van agents in bredere zin staat in het agentic AI-cornerstone-artikel.
Praktische stappen voor compliance vóór 2 augustus 2026
Stap 1, Inventariseer alle AI-systemen met directe gebruikersinteractie. Breng alle chatbots, generatieve AI-tools, emotieanalysesystemen en synthetische-contenttools in kaart die uw organisatie aanbiedt, gebruikt of publiceert. Vergeet de ingebouwde AI in bestaande software niet, AI-functies in CRM, klantenserviceplatformen of communicatietools.
Stap 2, Beoordeel per systeem of de informatieplicht van toepassing is. Geldt de uitzondering (evident voor de gebruiker)? Of is informeren vereist? Leg de redenering vast.
Stap 3, Implementeer de informatieverstrekking. Maak de AI-aard zichtbaar op het moment van interactie. Test of de gemiddelde gebruiker het begrijpt. Leg vast wat u heeft geïmplementeerd en wanneer.
Stap 4, Coördineer met uw leveranciers. Aanbieders moeten hun systemen technisch geschikt maken voor Art. 50-compliance. Controleer bij uw SaaS-leveranciers of zij de benodigde functionaliteit hebben geïmplementeerd. Leg contractueel vast wie verantwoordelijk is voor welk deel van de informatieverstrekking.
Stap 5, Documenteer voor uw compliance-dossier. De toezichthouder kan vragen om bewijsbewijsHet concrete bewijs dat een control is ontworpen, geïmplementeerd en werkt: een testrapport, een audit trail, een impactassessment, een monitoringlog. Elke schakel in de governance-keten levert een artefact op, en samen zijn ze wat een organisatie overhandigt aan haar eigen bestuur, een toezichthouder, een klant of een betrokkene om te tonen, niet te zeggen, dat een systeem bestuurd is. De afwezigheid ervan is zelf het falen: een risicoregister zonder testresultaten, of een maatregel die wordt geclaimd zonder validatie, is een governance-gat, geen papierwerk-gat. De sluitende schakel van de governance-keten. Zie control, governance.Open full entry → van compliance. Bewaar screenshots, procesbeschrijvingen en leveranciersbevestigingen. Een compliance-dossier met datumstempels is uw sterkste verdediging.
De deadline nadert
Art. 50 is geen zware technische implementatie, maar vraagt wel actie vóór 2 augustus 2026. De meeste organisaties moeten hun chatbots, klantenservicesystemen en contentpijplijnen doorlichten en aanpassen, en aanbieders van generatieve systemen moeten hun markeringsoplossing op orde hebben. Als ook leveranciers in beweging moeten komen, zijn de resterende weken krap. Begin nu.
Veelgestelde vragen
- Wanneer geldt Artikel 50 van de EU AI Act?
- Vanaf 2 augustus 2026, voor elk AI-systeem binnen de reikwijdte, ongeacht wanneer het voor het eerst op de markt is gebracht. De enige overgang is de machineleesbare markeringsplicht van Art. 50, lid 2: generatieve AI-systemen die vóór 2 augustus 2026 al op de markt zijn, hebben tot 2 december 2026.
- Geldt de overgang tot december 2026 ook voor nieuwe AI-systemen?
- Nee. Generatieve AI-systemen die vanaf 2 augustus 2026 op de markt komen of in gebruik worden genomen, moeten vanaf dag één aan de markeringsplicht voldoen. De overgang dekt alleen systemen die vóór die datum al op de markt zijn.
- Wie moet AI-gegenereerde content markeren?
- De aanbieder van het AI-systeem dat de content genereert, inclusief organisaties die een gebruikersgerichte tool bouwen op een model van een derde. Gebruiksverantwoordelijken dragen de aparte plicht om deepfakes en AI-gegenereerde tekst over zaken van algemeen belang kenbaar te maken.
- Zijn open-source AI-systemen uitgezonderd van Artikel 50?
- Nee. De Commissie-guidelines bevestigen dat systemen onder vrije en open-source licenties volledig onder de transparantieplichten vallen.
- Wat is de boete voor een overtreding van Artikel 50?
- Tot EUR 15 miljoen of 3% van de totale wereldwijde jaaromzet, waarbij het hoogste bedrag geldt. EU-instellingen riskeren boetes tot EUR 750.000.